Introductie van een kat in huis

Algemeen
Wanneer je jouw nieuwe kat voor het eerst loslaat in huis, heeft de kat allereerst behoefte om tot rust te komen na deze spannende verandering in zijn woonomgeving. Geef het dier daarom een eigen afgesloten ruimte, bijvoorbeeld de keuken, met daarin een kattenbak en laat hem minimaal één dag met zijn vervoersmand in de buurt (deurtje open!) tot rust komen.
Als je contact met de kat wilt, dan is het belangrijk dat de kat zelf naar je toekomt. Lok hem eventueel met voer of aandacht, maar dwing de kat tot niets. Dit geldt uiteraard ook voor de andere mensen in huis.

 

Wennen aan een nieuw huis zonder andere katten en/of honden
Lees eerst de informatie onder Algemeen. Nu je kat tot rust kan komen in een voor hem gereserveerde ruimte, heeft hij de tijd om deze ruimte te verkennen zonder dat gezinsleden om zijn aandacht vragen.
Iedere kat heeft een verschillend karakter. De ene kat voelt zich dezelfde dag al thuis in zijn nieuwe omgeving, terwijl de andere het na enkele dagen of weken nog steeds spannend vindt. Wanneer je kat bijvoorbeeld schrikachtig is of in een hoekje is weggedoken, is het nog te vroeg om hem meer ruimte te geven. Is hij echter ondernemend en nadert hij je vrijpostig, dan is de tijd rijp om een nieuwe ruimte toe te voegen: zijn ontdekkingstocht in het nieuwe huis wordt zo langzaam uitgebreid.

 

Wennen aan een nieuw huis waar al een kat woont
Leest u eerst de informatie onder Algemeen. Het is zeer belangrijk dat de andere kat gedurende deze tijd niet in de ruimte kan komen waar de nieuwe kat verblijft! Bedenk overigens dat het ook voor de reeds bij jou wonende kat(ten) spannend is. Deze zit(ten) niet op een indringer in het territorium te wachten!
Als de nieuwe kat aaien prettig vindt, kun je de komende dagen eerst hem en vervolgens de andere aanwezige kat(ten) aaien. De katten wennen zo aan elkaars geur. Aai hiervoor vooral langs de klieren van de wangen.
Wanneer jouw nieuwe kat ondernemend is, op zijn gemak rondloopt en niet schrikachtig is, kan de tussendeur op een kier gezet worden, zonder dat de katten bij elkaar kunnen. Er mag nu gesnuffeld worden. Vervolgens kunnen de katten elke dag even bij elkaar zijn, met als afleiding lekker eten. Zet de voerbakjes meerdere meters uit elkaar en zet ze per maaltijd iets dichter bij elkaar als het goed gaat. Wanneer ook dit zonder spanning verloopt, kunnen de katten een paar uur per dag bij elkaar wanneer je thuis bent om te zien of de kennismaking goed verloopt. Zorg ervoor dat de katten zich kunnen terugtrekken naar een eigen veilige plek. Bijvoorbeeld een andere ruimte, een doos, mandje of hangmat.

 

Onzindelijkheid: urine en/of ontlasting
Als een kat niet op de kattenbak plast maar in huis, dan is dat een bijzonder vervelend probleem. Het kan de volgende oorzaken hebben:

  • Medisch: laat je dierenarts dit onderzoeken
  • Onvoldoende of vieze kattenbakken: aantal kattenbakken = aantal katten + 1
  • Gebruik onjuist schoonmaakmiddel: zie de schoonmaaktips
  • Stress: raadpleeg een kattengedragsdeskundige
  • Aangeleerd gedrag: raadpleeg een kattengedragsdeskundige

Oorzaken van poepen in huis

  • Wormen: goede ontwormingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij je dierenarts
  • Voedselovergevoeligheid: vast te stellen door je dierenarts
  • Verandering van voer: in overleg met je dierenarts
  • Onvoldoende of vieze kattenbakken: aantal kattenbakken = aantal katten + 1

 

Schoonmaaktips voor kattenbakken en sproei- en/of urineplekken
Het is mogelijk dat de kat niet van de geur van een bepaald schoonmaakmiddel houdt. Gebruik daarom een middel zoals soda of groene zeep; dit ruikt namelijk niet sterk. Dit voorkomt dat de kat het daarom naast de bak gaat doen.
Zorg ervoor dat je evenveel kattenbakken in huis hebt als katten, plus eentje extra. Dit ter voorkoming van onzindelijkheid en ter bevordering van het natuurlijke gedrag van de kat om niet op dezelfde plek te plassen en te poepen.

 

Sproei- en/of urineplekken
Allereerst is het van belang dat je je dierenarts consulteert om te achterhalen of de onzindelijkheid een medische oorzaak heeft. Katten sproeien en plassen vaak op dezelfde plek(ken). Dit komt doordat de reeds aanwezige sproei- of urinegeur hen daar naartoe lokt. Om te voorkomen dat je vaste sproei- of plasplekken in huis krijgt, is het zaak om met een juist schoonmaakmiddel te reinigen. Onderstaande tips helpen je op weg:

  • Vermijd ammoniak- of chloorhoudende middelen! Deze geuren nodigen de kat uit om weer over deze lucht heen te sproeien of te urineren en werken dus averechts.
  • Voor het goed reinigen van urineplekken is het belangrijk twee handelingen te verrichten: 1. Reinig met soda, groene zeep of Biotex. Afspoelen met water en goed drogen. 2. Besproei de plek met een alcoholoplossing, bijvoorbeeld met een plantenspuit. Eventueel inwrijven met een doek. Goed drogen vóórdat de kat er weer bij mag. Laat je een van de handelingen weg, dan bestaat de kans dat de kat opnieuw op deze plek gaat urineren of sproeien.
  • Het is raadzaam de schoonmaakmiddelen vooraf te testen op het te reinigen materiaal.

 

Wennen aan de vervoersmand
Veel mensen krijgen ermee te maken. De kat moet mee naar de dierenarts en is met geen mogelijkheid in zijn vervoersmand te krijgen. Met de juiste training hoeft dit echter geen probleem te zijn. Hoe pak je dit aan?
Zet de mand met het deurtje open in een ruimte waar de kat graag komt. Maak het mandje aangenaam door er bijvoorbeeld een zacht kleedje en/of wat valeriaan (een kruid dat katten erg lekker vinden) in te leggen. Ook kun je het mandje een half uur voor gebruik inspuiten met Feliway (verkrijgbaar bij de meeste dierenartsen). Vervolgens geef je je kat dagelijks zijn voer op een paar meter afstand van het mandje. Eet de kat zijn voer niet op, dan vindt hij dit te spannend en moet je de afstand tot het mandje vergroten. Vindt de kat het geen probleem om in de buurt van de mand te eten, dan kun je de dagen erna telkens een beetje dichter bij de mand voeren. Uiteindelijk voer je in het mandje en kun je zelfs het deurtje eventjes sluiten. Vervolgens kun je de mand een keer optillen en weer neerzetten; daarna kun je telkens een paar meter lopen met de kat in de mand. Zodra je ziet dat de kat dit eng vindt, doe dan weer een stapje terug in dit proces. Ga niet te snel!

Zorg er uiteraard voor dat je dit oefent op een rustig moment, dat de kat nergens van schrikt en in alle rust kan eten. Anders leert de kat juist dat (het in de buurt van) het mandje inderdaad eng is! Uiteraard kun je ook trainen met kattensnoepjes of favoriete speeltjes, die je er al spelend in werpt.

 

Na hoeveel tijd kan de kat naar buiten?
Het goede moment om je kat buiten te laten, is het moment dat jij en je nieuwe kat een band hebben opgebouwd. Het vergt al gauw een maand, voordat een kat zich echt thuis voelt. Toch verschilt dit enorm per kat; in zijn algemeenheid is hierover dus lastig iets te zeggen.
Behalve een goede band, werkt eten vaak als een prima lokmiddel. Wen je kat er eerst een paar weken aan, dat er op één of twee vaste momenten iets lekkers te halen is thuis. Geef bijvoorbeeld iedere avond om 10 uur een kleine eetlepel blikvoer. Niet vanwege de voedingswaarde, maar omdat uw kat dan om 10 uur in de keuken op jou zit te wachten!
Laat je kat onder begeleiding eerst wennen in de tuin. Gebruik eventueel een tuigje mits de kat zich hiertegen niet verzet. Zorg er in ieder geval voor dat het veilig voor jouw kat is om naar buiten te gaan.

    Dierenstee
    ×
    Menu